Met gillende sirenes word je naar het ziekenhuis gereden. Het medische circus dat erop volgt, gaat door de paniek misschien wel grotendeels langs je heen. Maar wat gebeurt er eigenlijk precies in die eerste cruciale uren nadat je een hartaanval hebt gehad?

Thierry Wildbergh is interventiecardioloog in het Meander Medisch Centrum in Amersfoort. “Van de ambulanceverpleegkundige krijgen we een seintje dat ze onderweg zijn met iemand die vermoedelijk een hartinfarct heeft. Als de ambulance arriveert, staat ons team klaar om meteen in actie te komen. Een hartinfarct is een bloedstolsel dat een acute afsluiting veroorzaakt, waardoor een deel van het hart geen zuurstof meer krijgt en afsterft. We willen dus zo snel mogelijk dat plekje vinden waar die ophoping het bloedvat blokkeert.”

Voorgeschiedenis

Dr. Wildbergh: “Het eerste wat je wilt weten, is of de patiënt allergieën heeft, recent geopereerd is, welke medicatie gebruikt wordt en of er een voorgeschiedenis is van (hersen)bloedingen. Onderweg naar de katheterisatiekamer, waar alles al klaar staat, wordt dit gevraagd. Terwijl de patiënt een infuus en plakkers krijgt en op de monitor wordt aangesloten, leg ik uit dat we denken dat hij of zij een hartinfarct heeft en dat we dat nu gaan proberen op te lossen.”

Katheterisatie

“Via de polsslagader brengen we een buisje in. Hierdoor wordt richting de kransslagaders een katheter opgevoerd,” legt dr. Wildbergh uit. “Met die katheter spuit je contrastvloeistof in, waardoor je op een scherm alle aders in het hart in beeld krijgt. Je ziet dan precies waar de bloedtoevoer stokt. Daarmee kunnen we over naar stap twee: die verstopping opheffen.”

Dotteren met of zonder stent

Dr. Wildbergh: “Er zijn drie mogelijkheden om het bloedstolsel weg te halen en de bloedtoevoer weer op gang te brengen. Je kunt met een soort mini-stofzuiger de verstopping wegzuigen. Een tweede optie is dotteren. Dan rek je met een ballonnetje de vernauwing op. Een extra mogelijkheid bij het dotteren is het plaatsen van een stent. In hele kleine kransslagaders en zijtakjes wordt alleen gedotterd, maar aangezien het plaatsen van een stent vrijwel altijd betere resultaten geeft, wordt dat meestal ook gedaan. Een stent is een soort balpenveertje en houdt het bloedvat blijvend open. Of je enkel dottert of ook een stent plaatst, hangt af van de conditie van de bloedvaten en de vernauwing. Dat stolsel kan een kluwen van vetcellen of kalk zijn. Hoe meer kalk, hoe harder die vernauwing is en hoe moeilijker het te behandelen is.”

Nog een keer schrikken

“Na deze ingreep is de ader weer open, herstelt de bloedstroom zich en zakt de pijn – bij de meesten, maar niet bij iedereen – vrij snel weg,” vervolgt dr. Wildbergh. “Toch kan het gebeuren dat de hartspier hierna prikkelbaar is, zoals bij een slapend been, waardoor er een (tijdelijke) hartritmestoornis ontstaat. Een patiënt kan dan flauwvallen, waardoor het nodig is dat wij het hart weer op gang brengen met een elektrische schok.”

Zoek snel hulp

Dit alles, van aankomst tot en met de ingreep, gebeurt in Nederland binnen 33 minuten. Dat is snel. “Die snelheid is van levensbelang,” legt dr. Wildbergh uit, “want hoe langer een bloedvat is afgesloten, hoe meer hartspier er afsterft. Daarom wordt er tot 12 uur na een hartaanval gedotterd. Daarna niet meer. Zo zie je hoe belangrijk het is om bij klachten snel hulp te zoeken. Hoe eerder je erbij bent, hoe minder schade er aan het hart is en hoe groter je overlevingskans is.”

Dit artikel is financieel mogelijk gemaakt door Amgen. De hierin besproken meningen en ervaringen zijn afkomstig van de geïnterviewde personen, Amgen heeft geen invloed op de inhoud gehad.

NL-P-145-0719-076307a/juli2019