Huidkanker komt vaak voor: een op de zes mensen krijgt in zijn leven een vorm ervan. Wegblijven uit de zon hoeft niet, al is die wel de grootste oorzaak van huidkanker. “We moeten er verstandiger mee omgaan”, aldus dermatoloog Nicole Kelleners-Smeets.

Het verschil tussen een melanoom en carcinoom

Van alle huidkanker is ongeveer tien procent een melanoom. De overige negentig procent behoort tot de zogeheten carcinomen. De carcinomen treden vooral op waar de zon vrij spel heeft: het gezicht, de handen en onderarmen. Van die carcinomen komt het zogeheten basaalcarcinoom het meest voor; het plaveiselcarcinoom volgt daarna.

De zon is de grote boosdoener bij de carcinomen. “Waar de zon vrij spel heeft, zien de basaal- en plaveiselcarcinomen het licht. Mannen die kalend zijn, mensen die veel in de buitenlucht zijn of doorgewinterde zonaanbidders lopen een hoog risico op huidkanker.”

Waar herkennen we dat aan? “Het basaalcarcinoom is een verdikking van de huid; een glazig plekje met een parelmoerachtig oppervlakte en kleine bloedvaatjes. Het plaveiselcarcinoom heeft juist een ruw oppervlakte, een soort witte hoornlaag komt er dan op de huid. Een plekje dat snel bloedt; vaak komen mensen op mijn spreekuur omdat een eenmaal bloedend plekje niet meer geneest.”

Kans op genezing van huidkanker

Een voorstadium van het plaveiselcarcinoom is zogenaamde actinische keratose. Dan is de huid wel beschadigd en voelt ruw aan maar er is nog geen sprake van een tumor. In dat geval is het oppassen geblazen. Een groot verschil tussen het basaal- en plaveiselcarcinoom is wel dat we de eerste niet en de tweede wel tot de tumoren ofwel kwaadaardige kankercellen rekenen. Net als de melanomen.

Omdat huidkanker veel voorkomt, is er ook veel onderzoek naar. Dat betekent dat de overlevingskansen steeds groter zijn. Kelleners-Smeets: “Hoe eerder iemand met huidkanker bij de dermatoloog op het spreekuur is, hoe hoger de kans op genezing. Maar een klein deel van de plaveiselcarcinomen en melanomen zaait uit.”

Ook de zonnebank is schadelijk

Wie denkt dat de zonnebank een veilig alternatief is, heeft het mis. Vroeger bestonden zonnebanken nog alleen uit het minder schadelijke UV-A-licht, maar tegenwoordig zijn ze ook uitgerust met het schadelijker UV-B-licht. Even schadelijk dus als de echte zon.

“Iedere keer in de zon of onder de zonnebank is een druppel waardoor een beschadiging van de huid kan optreden. Uiteindelijk stroomt de emmer over.” Maar uit de zon wegblijven hoeft niet wat Kelleners-Smeets betreft. “Ga er verstandig mee om, zeg ik altijd. De zon heeft ook goede kanten. We worden er vrolijk van en we hebben de vitamine D nodig.”

Beschermen is dus het advies: iedereen die de zon in gaat moet zich insmeren, het liefst met factor 30. Voor kalende mannen wordt hoofdbescherming aangeraden. Het best kunnen we een voorbeeld nemen aan de zuidelijke landen: “Daar neemt men ’s middags een siësta. Op het heetste moment van de dag uit de zon is gewoon een heel goed idee.”