Als het om zorg gaat, laten veel mensen het doorgaans liever aan professionals over, maar bij bepaalde ziekten is zelfzorg een prima optie. Dit is dan ook het geval bij trombose: een ziekte waarbij het controleren van de bloedwaarden een belangrijke rol speelt in het dagelijks leven van de patiënt. Door de technologische ontwikkelingen van de afgelopen decennia zijn patiënten nu grotendeels in staat om dit zelf bij te houden. Maar hoe wordt er tegen zelfzorg aangekeken en wat zijn de mogelijke voordelen? Een onderzoek dat gepubliceerd is in het medisch tijdschrift The Lancet geeft duidelijkheid over dit vraagstuk.

Trombosezorg en beeldvorming

Voor het onderzoek werden er 11 uit 1357 van de meest betrouwbare en kwalitatief hoogstaande klinische rapporten over trombosezelfzorg onder de loep genomen. Hieruit bleek het dat het aantal complicaties bij zelfzorg aanzienlijk lager ligt in vergelijking met conventionele zorg. Daarnaast zijn de risico’s op bloedingen en sterfgevallen gelijk. De conclusie van het onderzoek luidt daarom dan ook: “Iedere antistollingsgebruiker moet de gelegenheid aangeboden krijgen om te gaan zelfzorgen.” Het percentage dat dit daadwerkelijk doet is echter schrikbarend laag. Volgens De Nationale Trombose Dienst is het percentage zelfverzorgenden namelijk zo’n 8 procent van de trombosepatiënten in Nederland. Terwijl tenminste 50 tot 80 procent van de antistollingsgebruikers in staat is om dit onder gedegen begeleiding zelfstandig uit te voeren.

Een andere ontdekking is dat er grote landelijke verschillen zijn op het gebied van trombosezelfzorg. Dit komt onder andere door de hoogte van de vergoedingen van zorgverzekeraars, de manier waarop patiënten tegen zelfzorg aankijken en hoeveel medewerking er vanuit de zorgverleners komt. In Nederland wordt zelfzorg door alle zorgverzekeraars volledig vergoed, alleen blijven regionale trombosediensten wel volhouden dat hun zorg zo goed geregeld is dat zelfzorg geen extra voordelen oplevert. Volgens het onderzoek houdt dit argument echter geen stand gezien zelfzorg het risico op complicaties met bijna 50 procent verlaagt. Van de 63 mensen die 5 jaar lang cholesterolverlagers slikken, kon in dat tijdsbestek 1 hartinfarct voorkomen worden, terwijl dit bij de antistollingsgebruikers per 27 patiënten het geval was. Ook zijn er sterke aanwijzingen dat de aantallen bloedingscomplicaties en sterfgevallen 15 tot 20 procent lager zijn, maar dit is nog niet bewezen. Gezien de bewezen en vermoedelijke voordelen van zelfzorg is het dus bijna onverdedigbaar om zorg vanuit de prikpost boven zelfzorg te plaatsen.

Praktische overwegingen voor zelfmanagement

Naast de medische voordelen zijn er ook een aantal praktische argumenten voor zelfzorg. Zo hoeven patiënten niet meer langs de prikpost te gaan en ondervinden ze geen last van wachtlijsten. Ook het bloedprikken zelf is een stuk handiger. Bij de zelfzorgmethode van De Nationale Trombose Dienst meet de patiënt zijn of haar eigen bloedwaarde – na een korte online cursus – met een simpele vingerprik, terwijl dit bij de prikpost met een dikke, pijnlijkere naald gebeurt. Daarnaast is het team van De Nationale Trombose Dienst dag en nacht bereikbaar voor eventuele vragen en wordt de patiënt dus niet aan zijn of haar lot overgelaten. Het doseeradvies dat uit de metingen komt wordt vervolgens digitaal gecommuniceerd en opgeslagen. Kortom: patiënten die voor zelfzorg kiezen hebben dus niet te verliezen en alles te winnen.

Meer informatie?
https://trombosezelfzorg.nl/