• Samenleven met een hoog opgeleide partner gaat samen met minder roken. Hoogopgeleiden roken minder, maar drinken vaker regelmatig alcohol
  • Regelmatig alcoholgebruik komt vooral voor onder oudere hoogopgeleiden. Vergeleken met andere Europese landen drinkt het hoogste percentage hogeropgeleide Belgen en Nederlanders minimaal 1 x per week, onder middelbaaropgeleiden scoort Nederland het hoogst
  • Overgewicht komt onder laagopgeleiden veel vaker voor dan onder hoogopgeleiden. Deze opleidingsverschillen in overgewicht zijn groter bij vrouwen dan bij mannen. Laagopgeleiden in meer welvarende buurten eten relatief gezonder
  • Risicovol gezondheidsgedrag stapelt zich op bij de laagst opgeleiden
  •  
    Dit zijn de belangrijkste bevindingen uit de publicatie: Een (on)gezonde leefstijl. Opleiding als scheidslijn van medewerkers van de sectie sociologie van de Radboud Universiteit (RU) in samenwerking met het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). In deze publicatie zijn verschillen in leefstijl (roken, alcoholconsumptie, fruitconsumptie, groentenconsumptie, lichaamsbeweging, overgewicht) tussen Nederlanders met verschillende opleidingsniveaus met representatieve gegevens van het European Social Survey (ESS) nader onderzocht. Zowel de opleidingsverschillen in leefstijl in Nederland als die in andere Europese landen zijn met deze gegevens in kaart gebracht. Onderzoekers van de RU, verantwoordelijk voor de coördinatie van het Nederlandse deel van de ESS, hebben deze SCP-publicatie verzorgd.

    Opleidingsverschillen in gezondheidsgedrag

    In de meeste gevallen gedragen hoger opgeleiden zich gezonder. Laagopgeleiden hebben gemiddeld een hoger BMI dan hoogopgeleiden. Ten opzicht van lager opgeleide Nederlanders rookt een kleiner percentage hogeropgeleiden. Daarnaast eet een hoger percentage groenten en eveneens een groter deel fruit. Tevens beweegt een groter deel van de hoogopgeleiden minimaal 1x per week intensief. Daarentegen drinkt een groter deel regelmatig alcohol. Jonge vrouwen, in alle opleidingsgroepen, blijken minder regelmatig te drinken dan mannen. Opmerkelijk is dat bij vrouwen van 46-70 jaar opleidingsverschillen in regelmatig drinken het sterkst naar voren komen.

    Opleidingsverschillen en sociale context

    Alcoholconsumptie is gerelateerd aan het opleidingsniveau van de ouders; een groter deel van de Nederlanders met academisch opgeleide ouders drinkt regelmatig alcohol, ook als men zelf lageropgeleid is. Het hebben van een hoger opgeleide partner hangt samen met een lagere kans om zelf te roken, maar met een hogere kans om regelmatig alcohol te drinken. Samenwonen met een laag of middelbaar opgeleide partner hangt samen met een gemiddeld hoger BMI.

    Stapeling van (on)gezond gedrag

    Een opstapeling van ongezonde leefstijluitingen (roken, alcohol drinken, overgewicht) is ook gerelateerd aan opleiding: een groter deel van de Nederlanders met een lagere opleiding vertoont meerdere ongezonde gedragingen. Bovendien vertoont een groter deel van de hoogopgeleiden een stapeling van gezonde leefstijlkenmerken (dagelijkse fruit-en groentenconsumptie, bewegen). Hoogopgeleiden hebben vaker een gezonde leefstijl (waarin gezonde gedragingen worden gecombineerd met de afwezigheid van ongezonde gedragingen) dan laagopgeleiden.

    Bron: SCP