Roel Kremers was in de bloei van zijn leven. Hij had net zijn mbo-diploma gehaald, was vol goede moed aan een hbo-studie begonnen en genoot volop van zijn twintigerjaren. Tot er een melanoom bij hem werd ontdekt. “Al snel gingen de alarmbellen rinkelen.”

Kun je beschrijven hoe je de melanoom op het spoor bent gekomen?

“Ik had altijd al een vrij grote moedervlek in mijn halsgebied, maar besteedde hier niet veel aandacht aan. Ondanks opmerkingen van mijn vader die weleens zei dat ik ‘m beter kwijt dan rijk kon zijn, maakte ik me geen zorgen. Immers, ik had er toch geen last van? Tot ik aan mijn nieuwe studie begon en ineens merkte dat ik vermoeid begon te raken. Toen ook mijn moedervlek ging jeuken, besloot ik langs de huisarts te gaan. Deze verwees me door naar de dermatoloog, die me vertelde dat de moedervlek weggehaald moest worden. Hierdoor gingen er wel alarmbellen rinkelen. Hoewel ik nog geen definitieve uitslag wist, had ik wel al een voorgevoel dat het foute boel kon zijn.”

Hoe ging het toen verder?

“De moedervlek werd eerst plaatselijk weggehaald en daarna haalde de oncoloog er een grotere marche om heen weg. Gelukkig leek het alsof er geen verdere uitzaaiingen waren. Het bleef dan ook bij één operatie. Wel moest ik bij zowel de dermatoloog als oncoloog onder controle blijven, omdat het om een melanoom bleek te gaan.

Vervolgens ging alles goed, tot november 2005. Er werden uitzaaiingen van de melanoom ontdekt die toen pas zichtbaar werden. De oncoloog gaf aan dat deze er hoogstwaarschijnlijk altijd al hadden gezeten, maar wegens de kleine omvang niet op de scans te zien waren.”

Ben je toen opnieuw behandeld?

“Aangezien het om uitzaaiingen in het halsgebied ging, wilde de oncoloog dat ik naar Rotterdam zou gaan om me daar door een aantal kundige collega’s te laten opereren. Hier is toen een algehele halsklierresectie uitgevoerd waarbij al mijn lymfeklieren aan de rechterkant van mijn hals zijn verwijderd. In totaal waren dit er wel meer dan dertig, waarvan de helft al aangetast bleek te zijn. Hoewel de operatie goed verliep, kreeg ik in de nacht na de operatie last van nabloedingen en kwam op de intensive care terecht. Mijn hals bleek te strak te zijn dichtgemaakt, en doordat ik ’s nachts moest overgeven sprong de top. Ze hebben me een aantal dagen slapende gehouden en naderhand kreeg ik nog 33 keer een bestralingskuur.”

Was de kanker hierna verdwenen?

“In eerste instantie wel, tot er in juli 2008 opnieuw een uitzaaiing van het melanoom werd ontdekt. Dit keer in mijn rechteroksel. Ook nu werden de lymfeklieren verwijderd, maar gelukkig hoefde ik niet bestraald te worden. Deze operatie vond in augustus plaats.”

Wat was de impact van al deze gebeurtenissen op jouw leven?

“Met name de tweede keer vond ik vrij heftig. Ik had destijds net een broer- en zussendag gehad en kreeg de week erna het slechte nieuws te horen. En het tijdsverblijf van de operatie en het verblijf op de intensive care viel tussen de verjaardag van mijn zussen en mij in. Net als de Kerstdagen. Het kwam vooral hard aan omdat ik het helemaal niet kon plaatsen. Voor mijn gevoel ging het juist heel goed en was ik in topconditie. Ik begon me toen ook af te vragen wat hier de bedoeling van kon zijn. Zou de kanker zijn teruggekomen, omdat ik positief ben ingesteld en ik het in die zin wel ‘aan zou kunnen’? Het deed echt wat met me. Ook om het verdriet van met name mijn gezinsleden te zien en te voelen.

Bovendien zat ik midden in de periode dat iedereen afstudeerde en aan huisje-boompje-beestje begon. Ik kreeg hier niet eens de kans voor, omdat mijn leven in het teken stond van ziekenhuisbezoeken. Uiteindelijk besloot ik na de behandeling dan ook te stoppen met mijn studie. Ik realiseerde me dat ik letterlijk de dood in de ogen had gekeken en het leven meer was dan alleen studeren en het hebben van onderzoeken door mijn Kankergeschiedenis. In plaats daarvan, ging ik drie maanden reizen met een vriend door Australië. Ik heb geleerd meer van de kleine dingen te genieten, zoals de natuur, het maken van reizen, spaarzame momenten met vrienden en familie, op dit moment de qualitytime met Zoon en Vrouwlief, en het luisteren naar muziek.
Mijn motto is meer ‘pluk de dag’ geworden.

Waar heb je steun aan gehad?

“Ik heb met name veel steun gehad van mijn ouders, zussen, zwagers, familie en vrienden. Ook kreeg ik bijval van de kerk, de dominee kwam op bezoek en de kaartjes op de deurmat waren niet aan te slepen.”

Sta je momenteel nog onder controle?

“Na mijn laatste operatie ben ik nog regelmatig bij de oncoloog langs geweest voor een controle. Maar zeven jaar later was hij van mening dat dit niet meer nodig was. Ook de dermatoloog heeft recent aangegeven dat ik bij haar mag stoppen, maar omdat ik nog zoveel moedervlekken heb die snel kunnen veranderen, wil ik toch bij haar onder controle blijven staan. Dit houdt in dat ik één keer per jaar naar haar toega.

Ben je nog weleens bang dat de kanker terugkomt?

“Soms, wanneer er een moedervlek moet worden weggehaald, komt de angst terug. Maar wanneer er alleen sprake is van een routinecontrole voel ik geen spanning. Ik ben eerder bang in het geval ik ergens in mijn lichaam iets aparts voel, waardoor ik me meteen ga afvragen of het met uitzaaiingen te maken zou kunnen hebben. In dat geval ga ik dan ook meteen langs de huisarts.”

Houd je extra rekening met zonnen?

“Voordat het melanoom werd ontdekt, was ik een echte zonaanbidder. Ik ging toen vaak op het heetst van de dag bakken en mijn ouders verklaarden me voor gek. Tegenwoordig is het niet zo dat ik de zon volledig vermijd, maar ik houd het nu wel veel meer in de gaten en smeer me goed in. Voor de littekengebieden gebruik ik altijd factor 50 en voor de rest van mijn lichaam factor 30. Het is nooit bewezen dat de zon invloed heeft gehad op het ontstaan van het melanoom, maar het kan altijd een rol hebben gespeeld. De moedervlek zat immers in een gebied dat veel wordt blootgesteld aan de zon. Het vroegere bakken tussen 12 en 3 is dan ook definitief verleden tijd.”

En hoe is je kwaliteit van leven verder?

“Inmiddels heb ik een lieve vrouw en een heerlijk zoontje van 3 jaar. Hij vraagt soms weleens; ‘Papa wat heb je daar? Dan geef ik aan; Papa is vroeger ernstig ziek geweest en toen waren Papa en Opa en Oma en alle andere dierbaren erg verdrietig, maar gelukkig is hij nog te jong om het echt te begrijpen. Het hebben van een gezin maakt dat ik nog alerter ben en nog beter let op tekenen in mijn lichaam. Ook mijn zoontje smeer ik extra goed in om hem te beschermen.

De kwaliteit van mijn leven is dan ook goed, alleen merk ik af en toe dat de spier in het halsgebied hapert, doordat die is aangetast door de bestralingen. Zo ben ik dolblij dat ik weer kan tennissen, maar dit is niet meer zoals het geweest was. Na een training of wedstrijd moet ik echt even bijkomen en dan voelt het een aantal dagen stijf aan. Maar ik ben me er goed van bewust dat dit ook heel anders had kunnen aflopen en ben heel dankbaar dat ik er nog ben.”

In augustus ben je 10 jaar schoon verklaard. Ga je nog iets doen om het te vieren?

“Zelf had ik hier eigenlijk nog niet over nagedacht, maar toevallig hoorde ik laatst een verhaal over een persoon die vijf jaar schoon is verklaard en hierom iets speciaals organiseerde. Nu zit ik erover na te denken om ook zoiets te doen. Dit kan bijvoorbeeld een feestje zijn of een simpel samenzijn met dierbaren. Het is immers een bijzondere mijlpaal, en een goede gelegenheid om even stil te staan bij het feit dat het leven niet zo vanzelfsprekend is als het lijkt.” En letterlijk het leven te vieren…..

Bezoek voor lotgenotencontact Stichting Melanoom