Tamara’s zusje Jaëlla doet aan zelfbeschadiging, wat niet alleen een behoorlijke impact heeft gehad op het leven van Jaëlla, maar ook op dat van Tamara (38).

Wanneer merkte je dat je zusje aan zelfbeschadiging deed?

“Dat kan ik me niet precies herinneren. Mijn zus had erg veel problemen als jonge puber, ze was onder andere verslaafd, en daar was iedereen vooral op gefocust. Toen we haar ‘dubbelleven’ ontdekten was ik 16 of 17 jaar en had ik geen idee hoe ik om moest gaan met alle problemen. Ik probeerde wel met haar te praten, maar vaak ging dat moeizaam.
Het moet me ergens in die periode zijn opgevallen dat ze vaak snijwonden had. Maar ze verborg die plekken ook meestal, droeg bijvoorbeeld in de zomer lange mouwen.”

Hoe ging je hiermee om en hoe voelde je je?

“In het begin had ik eigenlijk geen idee wat zelfbeschadiging was, maar ik voelde wel aan dat het iets te maken moest hebben met de spanning en zelfhaat die ik bij mijn zus zag. Ik heb nooit gedacht dat ze het deed om aandacht te trekken, maar helaas heb ik dat in die periode ook nooit tegen haar gezegd. Misschien had ze het me dan uit durven leggen.

Ik kon mijzelf niet voorstellen dat ik in mezelf zou snijden. Tegelijk kon ik wel begrijpen dat iets kapotmaken spanning verlicht. Jezelf kapot maken als de spanning in jou zit, is dan een uiterste manier om even wat rust te krijgen. Het is heel pijnlijk en machteloos om te zien dat iemand van wie je houdt zo ver ‘moet’ gaan.”

Heb je jouw zus geconfronteerd? Zo ja, hoe uitte zich dat?

“’Geconfronteerd’ klinkt alsof je iemand ter verantwoording roept. Ik veroordeelde de zelfbeschadiging van mijn zus niet. Tegelijk waren andere problemen urgenter, zoals haar verslaving, en daardoor heeft de zelfbeschadiging in die periode eigenlijk niet zoveel aandacht gekregen.

Toen het jaren later opnieuw erg slecht ging met mijn zus, viel de zelfbeschadiging me meer op. Ze was toen ook suïcidaal en ik was heel alert op haar gedrag uit bezorgdheid. Ik vroeg naar de wonden en toen zijn we voor het eerst gaan praten over waarom ze zichzelf sneed en wat voor functie dat voor haar had. Gek genoeg was het op dat moment een opluchting om te horen dat ze een uitlaatklep had, hoe ingrijpend die ook was.”

Welke acties heb je ondernomen?

“Door mijn zus niet te veroordelen en proberen te begrijpen waarom ze zichzelf beschadigde, konden we praten over wat eraan ten grondslag lag. Natuurlijk kon ik haar traumatische ervaringen, schuldgevoelens en schaamte niet veranderen, maar ik kreeg wel inzicht in hoe ze ermee omging. Daardoor kon ik er andere perspectieven tegenover zetten, haar motiveren om zich te laten behandelen en haar steunen bij de moeilijke weg die ze heeft afgelegd.

Als je er eenmaal over kunt praten met elkaar, dan kom je steeds sneller bij de kern: wat was de aanleiding deze keer, met welke gevoelens worstel je? Je kunt niet alles oplossen, maar je kunt helpen zoeken naar alternatieven om met de problemen om te gaan. Als je het isolement verbreekt en degene die zichzelf beschadigt kan praten over wat hem of haar dwarszit, dan kan dat een begin zijn om zichzelf minder (vaak) te beschadigen.”

Wat wil je aan mensen meegeven die iemand in hun kring hebben, die aan zelfbeschadiging doet?

“Als iemand iets kapotmaakt waar je van houdt, dan ben je geneigd boos te worden. Als iemand van wie je houdt zichzelf kapotmaakt, kan diezelfde boosheid opspelen. Je wilt dat het stopt! Maar ik heb geleerd dat die boosheid, ook al komt die voort uit liefde, alleen maar averechts werkt. De persoon die zichzelf beschadigt voelt zich nog minder begrepen, waardoor het isolement alleen maar groter wordt. Stel je open en probeer diegene te helpen zijn of haar onderliggende problemen aan te pakken. Realiseer je dat de zelfbeschadiging een overlevingsmechanisme is en dat het soms een tijd duurt voor iemand sterk genoeg is dat los te kunnen laten.

Zorg ook goed voor jezelf, het is niet makkelijk om met zelfbeschadiging van een naaste om te gaan. Praat over je eigen gevoelens met iemand die je vertrouwt en die jou kan steunen, zodat jij er kunt zijn voor je naaste. Bij de Landelijke Stichting Zelfbeschadiging (LSZ) kun je veel hulp en steun vinden als je met zelfbeschadiging bij een naaste te maken hebt. Ik ben dan ook ontzettend trots op mijn zus, die hier als ervaringsdeskundige werkt. Ze heeft hard en lang geknokt om te komen waar ze nu is. Te zien hoe ze nu lotgenoten en hun omgeving helpt, is fantastisch.”

Benieuwd naar het verhaal van Jaëlla, klik dan hier.