Miny Sportel uit Zwolle werd in 1997 getroffen door een hersenstaminfarct. Sindsdien heeft ze langzaam maar zeker een nieuw leven opgebouwd, maar nog altijd kampt ze met de gevolgen ervan.

Voor en na het herseninfarct: een moeilijke periode

“Voor mijn herseninfarct was ik werkzaam als klassiek homeopaat en bij de nachtopvang van het Leger des Heils, een druk en soms gestrest leven. Ik leefde echter zeer gezond en viel in geen enkele bekende risicocategorie. We moesten hard werken om de eindjes aan elkaar te knopen. Daar kwam bij dat een paar maanden daarvoor een neefje was overleden na een vuurwerkongeluk. Ik was daar ontroostbaar van. Een week voor het infarct waren we nog bij zijn graf geweest en dat had me enorm aangegrepen. Al met al was het dus een moeilijke periode.”

“Ik wist meteen dat het een herseninfarct was”

Miny was bij haar eigen homeopaat toen het misging. “Het klinkt misschien vreemd, maar ik wist meteen dat het een herseninfarct was. Mijn man heeft me toen opgehaald. Eenmaal thuis was ik vooral heel erg moe en ik had geen gevoel meer in mijn linkerkant. Ik praatte moeizaam en kon niet meer lopen. We zijn toen naar het ziekenhuis gegaan en tijdens het wachten op de Eerste Hulp ben ik min of meer bewusteloos geraakt.

Toen ik weer bijkwam, lag ik op de Stroke-unit. Vanaf dat moment ben ik veel kwijt. Ik was zo ontzettend moe dat ik dingen niet kon onthouden. Dat maakt me ook wantrouwend. Als mensen zeiden dat ze vorige week nog op bezoek waren geweest, geloofde ik ze niet, omdat ik me dat niet kon herinneren. Je raakt de controle, de regie over je eigen leven kwijt. Het heeft jaren geduurd voor ik hier echt mee om kon gaan.”

De gevolgen van het infarct

Na drie weken in het ziekenhuis in Zwolle verbleef Miny negen maanden in een revalidatiekliniek in Enschede. Na nog eens twee maanden revalidatie mocht ze weer naar huis. Hoe heeft ze leren omgaan met de gevolgen van het herseninfarct?

Miny legt uit: “Aan mij is niet te zien dat ik een herseninfarct heb gehad. Ik praat wat langzamer, kan woorden soms niet vinden, maar mijn motoriek is niet aangetast. De onzichtbare gevolgen zijn veel groter. Ik ben heel snel vermoeid en heb een slecht kortetermijngeheugen. Ik werk tegenwoordig twaalf uur per week als woonbegeleider in een verpleeghuis. Als ik vier uur heb gewerkt, moet ik de rest van de dag bijkomen en slaap ik de nacht erna rustig elf uur.”

Hulp van de psycholoog en ergotherapeut

“In het begin was ik depressief. Ik kon de opvoeding van de kinderen niet aan en ook niet werken. Je raakt voor je gevoel je waardevolle plek in de samenleving kwijt. Daarom is het goed dat ik al tijdens de revalidatie hulp heb gehad van een psycholoog. Daarnaast heeft een ergotherapeut me geholpen weer orde in mijn hoofd te brengen. Ik heb in het dagelijkse leven veel structuur nodig. Bij het koken bijvoorbeeld, heb ik een lijstje nodig met alle stappen en moet ik alles zorgvuldig voorbereiden: kookspullen links, ingrediënten rechts. Duidelijkheid, zodat ik dingen stap voor stap kan doen.”

Ze sluit af: “Indrukken komen als het ware versterkt binnen. Geluid is snel te hard. Licht is te fel of te flitsend, waardoor ik migraine krijg. Ook zijn bepaalde karaktertrekken uitvergroot, emoties zijn heftiger. Toch heb ik al met al, met hulp van m’n omgeving, de gevolgen van het infarct een plaats in mijn leven weten te geven.”

Wat is jouw ervaring met een herseninfarct?