Erectiestoornissen, urineweg- en blaasproblemen of onvruchtbaarheidsproblemen zijn enkele voorbeelden van urologische aandoeningen. Een recent onderzoek van Arman Walia van de University of California Irvine wijst uit dat mannen die met deze aandoeningen kampen vaak ook last hebben van depressies en slaapstoornissen. Daarover publiceert ze samen met collega’s in het wetenschapstijdschrift Your Sexual Medicine Journal.

Onderzoek naar middelbare mannen

Walia onderzocht 124 patiënten met een gemiddeld leeftijd van 54 die een gezondheidskliniek bezochten. Hij liet hen drie vragenlijsten invullen, waarin specifiek werd gevraagd naar zaken als prostaatproblemen, erectiestoornissen en of deze leeftijdsgebonden waren. Ook vulden de mannen vier andere vragenlijsten in over hun algemene gezondheids- en slaapgewoonten. Het doel hiervan was achterhalen of zij met problemen als slapeloosheid, slaperigheid of slaapapneu kampten.

Uitkomsten

Voornamelijk oudere mannen met overgewicht of urinewegproblemen bleken stemmings- of slaapklachten te hebben. Daarnaast kwamen er ook veel problemen voor bij patiënten met hypogonadisme: een geslachtsklieraandoening waarbij het lichaam niet genoeg testosteron produceert.

Cijfers

Driekwart van de onderzochten hadden overgewicht, terwijl 22,5% leed aan hypertensie. 15% had hartproblemen en 13,3% had diabetes. Twee op de vijf mannen waren licht tot ernstig depressief of hadden prostaatproblemen. Eén op de twee patiënten had last van slaapapneu of lichte tot ernstige erectieproblemen. Lagere niveaus van mannelijke geslachtshormonen werden gemeten bij vier van de vijf mannen.

Screenen op bijkomende problemen

Volgens Walia is het zaak voor urologen om de volledige ziektelast van een patiënt in kaart te brengen, op het moment dat deze gediagnosticeerd wordt met een urologische aandoening. Hij is ervan overtuigd dat de bijkomende problemen een negatieve invloed kunnen hebben, waardoor de kwaliteit van leven nog verder achteruitgaat.

Walia: “Urologen zijn niet specifiek opgeleid in de slaapgeneeskunde of in het omgaan met depressies. Zij moeten zich daarom bewust zijn van deze risico’s, zodat zij hun patiënten naar relevante specialisten kunnen verwijzen en zorgen voor een optimale behandeling van hun patiënten.”