Voeding is cruciaal voor de gezondheid en belevingswereld van patiënten en ouderen – thuiswonend en in zorginstellingen. Toch is er weinig aandacht voor voeding in de zorg. In zorginstellingen is voeding vaak slachtoffer van bezuinigingen en ondervoeding is een groot probleem bij ouderen, bij mensen met een chronische aandoening en rondom ziekenhuisopnames.

Meer aandacht voor voeding in de zorg

Hinke Kruizenga, diëtist-onderzoeker bij de Stuurgroep Ondervoeding en het VUmc, en hoofdredacteur van het Nederlands Tijdschrift voor Voeding & Diëtetiek, onderstreept het belang van voeding in de zorg. “Gelukkig is er meer aandacht voor, zeker vergeleken met tien jaar geleden toen 25 procent van de bewoners in verpleeghuizen kampte met ondervoeding.” Inmiddels komt ondervoeding minder voor, maar de daling is gestagneerd. Er moet opnieuw aandacht voor komen. Volgens Kruizeng is het op tijd herkennen en behandelen van problemen met voeding het belangrijkste. Dat heeft constant aandacht nodig; zodra die verslapt heeft dat meteen gevolgen. Er wordt veel bezuinigd in de zorg en voeding is daar snel slachtoffer van.

“Terwijl kostenbesparing daar echt niet zit”, stelt Kruizenga. Daarna komt screenen op ondervoeding, dat bij ziekhuisopnames standaard gebeurt en gemakkelijk door verpleegkundigen uitgevoerd kan worden. Bij zorgwekkende scores kan de patiënt worden doorverwezen naar een diëtist. Het merendeel van de ondervoede gevallen wordt er zo uitgepikt. In verpleeghuizen, revalidatiecentra en de thuiszorg is zo’n screening nog niet verplicht, terwijl ondervoeding nog steeds veel voorkomt.

Voeding en beleving

Voeding staat in nauw contact met beleving, die verandert als je ouder wordt, legt Anja Evers uit, diëtist en directeur bij de Nederlandse Vereniging van Diëtisten. Veel ouderen hebben vaste eetgewoontes. Sommigen zijn gewend om alleen te eten en zitten in een instelling ineens met veel anderen aan een grote tafel, waarbij de maaltijd ook anders is bereid. Wie daarbij vermoeid is of pijn heeft, kan in een vicieuze cirkel terechtkomen. Er zijn verschillende onderzoeken uitgevoerd naar ‘ambiance’ in zorginstellingen. Zo is gekeken naar de omstandigheden waarin gegeten wordt, de sfeer, de inrichting en tijdstippen van de maaltijd. “Allemaal van invloed op wat mensen tot zich nemen”, aldus Evers. Daarbij speelt keuzevrijheid een rol: is het altijd maar eten wat de pot schaft? Zorginstellingen zijn zich hier wel bewust van, maar de uitvoering laat vaak nog te wensen over. Budget en tijdgebrek spelen daarbij een rol. Onterecht, vindt Evers, het gaat veelal om eenmalige uitgaven; bovendien wordt veel voedsel verspild. De kosten van bijvoorbeeld het herinrichten van de eetzaal of à-la-cartedineren wegen op tegen de besparing van eten door minder weg te gooien.

Medisch belang van voeding

“Voeding kan een medicijn zijn en sommige ziektes kunnen met de juiste voeding voorkomen worden”, vertelt Kruizenga. Te weinig of het verkeerde eten bij ziekte of rondom ziekenhuisopnames heeft schadelijke gevolgen voor herstel. Afvallen bij ziekte en ouderdom is schadelijk, maar helaas denken veel ouderen dat het erbij hoort. Als je ziek bent worden aminozuren (bouwstoffen voor eiwitten) aangeboord, waardoor meer eiwit nodig is. Bij een hoge leeftijd treedt ‘anabole resistentie’ (verminderde gevoeligheid voor aminozuren) op; eiwitten en spieren worden sterker afgebroken en moeten opgebouwd worden. Om spiermassa op peil te krijgen zijn vooral voldoende eiwitten nodig. Daarbij moet voeding goed over de dag worden verdeeld en beweging gestimuleerd.

Ondervoeding en voorlichting

Vooral bij ouderen ligt ondervoeding dus op de loer. Op hoge leeftijd zijn cholesterol en hart- en vaatziekten niet meer belangrijk. Het draait dan om eiwitten om op de been te blijven. Het is belangrijk dat ouderen hier bewust van worden. De grote invloed van voeding op spiermassaverlies is voor hen vaak een eyeopener. Met kleine veranderingen kan grote winst behaald worden. Het bewustzijn hieromtrent en de organisatie van zorg zal moeten groeien.