De darmen zijn van vitaal belang voor een gezond lichaam. Niet alleen vervult het orgaan een essentiële rol in de spijsvertering en de opname van voldoende voedingsstoffen, ook vormt het een barrière tegen toxische stoffen en bacteriën die het lichaam ziek kunnen maken.

Dunne darm, dikke darm en endeldarm

Wanneer over de darmen wordt gesproken gaat het over de dunne darm, de dikke darm en de endeldarm. In de dunne darm vindt een heel belangrijk deel van de spijsvertering plaats, legt Yvette Bruinsma van de Maag Lever Darm Stichting uit. “Hier wordt namelijk de voeding afgebroken tot voedingsstoffen zoals vitaminen en mineralen, die in het lichaam kunnen worden opgenomen.” De onverteerbare massa van voedselresten die overblijft wordt vervolgens naar de dikke darm vervoerd, alwaar ze bewerkt wordt door miljarden darmbacteriën, ook wel de darmflora of het microbioom genoemd.

Wanneer water en zout aan de massa wordt onttrokken ontstaat een ingedikte brij tijdelijk wordt opgeslagen in het eindstation: de endeldarm. Wanneer deze vol zit wordt een seintje aan de hersenen gegeven. Er ontstaat aandrang en dus de noodzaak tot een toiletbezoek.

Darmen als riool

Dit proces verloopt niet bij iedereen even vlekkeloos. Sterker nog, het aantal mensen met buikklachten is de afgelopen jaren alleen maar toegenomen, vertelt Ben Witteman, buitengewoon hoogleraar Voeding en darmgezondheid in transmurale zorg aan Wageningen Universiteit.

“Juist omdat de darm een belangrijk poortwachter is van het lichaam, heeft een afwijking ook gelijk duidelijk merkbare gevolgen.” Wanneer het gaat over darm- of buikproblemen moet wel eerst het onderscheid worden gemaakt tussen darmklachten en -ziekten. Bij ziekten gaat het veelal om een ontsteking waarbij het darmslijmvlies beschadigd kan worden. Mensen met een ziekte komen sneller bij de huisarts terecht, omdat ze ernstigere symptomen hebben, zoals bijvoorbeeld bloed bij de ontlasting. Bij mensen met darmklachten zijn symptomen meer motorisch van aard.

“De darmen zijn als het ware een soort riool, van mond tot kont.” Ze bestaan uit meerdere gedeelten die allemaal een eigen peristaltiek (de knijpende beweging die de voedselbrij voortstuwt) hebben. Witteman vergelijkt de darmen daarom met de lopende banden in een fabriek: als de afzonderlijke gedeelten niet goed op elkaar zijn afgestemd, ontstaat ophoping of juist een tekort op bepaalde plaatsen.

Dit kan in het lichaam leiden tot buikklachten, zoals krampen en steken, maar ook tot gisting van onverteerde voedselresten die te lang blijven hangen. Dit leidt tot een opgeblazen buik en een wisselende stoelgang.

Belang van goede darmflora

Koester daarom je microbioom, luidt het devies van Witteman. “Je huid is zo dik, daar komt geen bacterie doorheen. In de darmen daarentegen is continu interactie met de buitenwereld. Hier zit dan ook 70 procent van je afweer.” Immers: een volwaardig functionerende darm werkt optimaal samen met het microbioom en zorgt voor de meest optimale opname van voedingsstoffen en voorkomt zo doorlating van afvalstoffen.

Bovendien lijkt een goede darmgezondheid van invloed op andere (chronische) aandoeningen, zoals allergie en colitis. Het valt op dat mensen met migraine bijvoorbeeld vaak buikklachten hebben. Mogelijk speelt het microbioom ook bij deze patiënten een rol.

Uit een klein onderzoek onder migrainepatiënten is gebleken dat de klachten afnamen als probiotica werden gebruikt om het microbioom gunstig te beïnvloeden. Om verminderde functie van de darmflora te voorkomen, kunnen gezond eten en voldoende beweging al enorm helpen. Witteman constateert bovendien een verband tussen buikklachten en de toenemende mate van stress en werkdruk in onze huidige maatschappij.

Evenwicht microbiota

Lees ook: Evenwicht microbiota bepaalt gezondheid

Te laat aan de bel trekken

Nog te vaak stappen mensen pas naar de huisarts wanneer de klachten zodanig belastend worden dat er niet meer goed gefunctioneerd kan worden en/ of de kwaliteit van leven eronder lijdt, constateert zowel Witteman als Bruinsma. Bij plotselinge verandering in het ontlastingspatroon, aanhoudende buikpijn die na twee weken nog steeds niet over is of bij andere darmklachten is het zaak aan de bel te trekken, adviseert Bruinsma.

Let op je ontlasting

“Kijk af en toe eens achterom bij een toiletbezoek. Je ontlasting vertelt meer over je gezondheid dan je misschien denkt.” Wanneer de ontlasting ineens anders is van kleur of samenstelling, kan dit een teken zijn dat er iets aan de hand is. Bij alarmsignalen als bloed bij de ontlasting moet natuurlijk direct al een huisarts worden ingeschakeld, maar ook bij mildere klachten kan een arts een rol spelen. Alleen al een diagnose en juiste voorlichting kan al voor geruststelling zorgen bij patiënten.

Geschat wordt bijvoorbeeld dat zo’n 5 tot 20 procent van de Nederlandse bevolking lijdt aan het prikkelbare darm syndroom (PDS), maar slechts een fractie van hen is zich daarvan bewust. Wanneer ze eenmaal weten wat hun klachten veroorzaakt, kunnen ze hierop anticiperen. De aandoening is weliswaar niet te genezen, maar als een patiënt weet hoe ermee om te gaan en welke voedingspatronen, medicatie en eventuele therapieën kunnen helpen, zorgt dat al voor veel geruststelling.

Witteman: “Als je veel last hebt van buikklachten en leest en hoort over gevallen van darmkanker, neemt de angst alleen maar toe. Angst is de slechtste raadgever die je kunt hebben bij buikklachten.”

Bevolkingsonderzoek darmkanker

Om darmkanker in een zo vroeg mogelijk stadium op te sporen, is in 2014 het bevolkingsonderzoek darmkanker ingevoerd. Alle mannen en vrouwen tussen de 55 en 75 jaar krijgen iedere twee jaar een uitnodiging voor dit onderzoek. Ze kunnen zelf een ontlastingstest afnemen en deze opsturen naar het laboratorium. Daar wordt gekeken of er bloed in de ontlasting zit. Bloed in de ontlasting kan duiden op darmkanker, maar kan ook een andere minder ernstige oorzaak hebben.

De precieze oorzaak wordt vastgesteld tijdens een kijkonderzoek van de dikke darm, een coloscopie. Hoe eerder darmkanker wordt gediagnosticeerd, hoe groter de kans op genezing. Ook is de behandeling minder zwaar wanneer deze vorm van kanker vroeg wordt ontdekt.

“Op dit moment overlijden jaarlijks nog 5.100 mensen aan darmkanker”, vertelt Bruinsma. Omdat de overlevingskansen bij diagnosticeren in een vroeg stadium vergroten en de kans op uitzaaiingen verkleind wordt, heeft het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) berekend dat het bevolkingsonderzoek over de periode 2010-2039 gemiddeld 1.400 sterfgevallen aan darmkanker kan voorkomen. Op termijn zou dit zelfs 2.400 sterfgevallen kunnen worden.

Het bevolkingsonderzoek heeft een grote toegevoegde waarde omdat darmkanker in de vroegste stadia vrijwel nooit klachten geeft. Bruinsma benadrukt het daarom nog maar eens: “Een juiste diagnose op een zo vroeg mogelijk moment is, ook wanneer het om ogenschijnlijk lichte klachten gaat, enorm belangrijk. Blijf niet aanmodderen met buikproblemen.”